Ria's column
Wanneer je weer eens langs een slootkant loopt, valt hij bijna altijd op: de lisdodde. Al vanaf mijn vroegste jeugd weet ik hoe deze plant heet. Als kind sloegen we de bruine aren kapot, waarna een wolk van pluisjes wegvloog. Prachtig vonden we dat. Maar eerlijk gezegd heb ik me nooit afgevraagd of er eigenlijk iets bijzonders over deze plant te vertellen valt. Dat blijkt verrassend veel te zijn.
Twee soorten, een opvallend verschil
In Nederland doet de lisdodde het goed en hebben we twee soorten lisdodden: de grote en de kleine lisdodde. De lisdodde houdt van zeer voedselrijk water. Je vindt hem op beschutte plaatsen, waar het water niet hard stroomt. Deze plant heeft geen moeite met veel slib of een modderige bodem, dat vindt ie juist lekker.
De grote lisdodde kom je veruit het meest tegen. Het grootste verschil tussen beide soorten zit de aren.
Een bijzondere overlever
Beide soorten bloeien in juni en juli met de mannelijke aar boven de vrouwelijke lichtbruine aar, waaraan de bloemen zitten. Bij de grote lisdodde zit de mannelijke aar direct boven de vrouwelijke, terwijl bij de kleine lisdodde hier een afstand van 0,5 tot 3 cm kan zitten. De twee in onze contreien voorkomende lisdodden zijn windbestuivers.

Opmerkelijk is dat lisdodden twee eigenschappen combineren die in de natuur meestal niet samengaan: ze leven lang én produceren veel zaad. Vaak geldt dat langlevende planten weinig zaad maken en kortlevende soorten juist veel. De lisdodde doet allebei.
De natuurlijke waterzuiveraar
De grote lisdodde groeit graag in zeer voedselrijke omstandigheden. Daarbij vervult hij een belangrijke functie in de natuur. De plant neemt voedingsstoffen en vervuilende stoffen op uit het water en helpt zo mee aan de natuurlijke zuivering ervan.
Daarom wordt lisdodde, net als riet, gebruikt in helofytenfilters voor waterzuivering.
Bovendien helpt hij bij het verlanden van ondiepe wateren. Door voedingsstoffen zoals stikstof en fosfaat op te nemen, kan uiteindelijk een voedselarmer moeras ontstaan, met meer ruimte voor een grote variatie aan planten en dieren.
wist je dat...
De mens weet al eeuwen gebruik te maken van lisdodde.
- De pluizen waarschijnlijk al in de prehistorie werden gebruikt als tondel om vuur te maken?
- Het droge pluis vroeger werd gebruikt om geweerlopen en lampenglazen schoon te maken?
- De plant diende als vulling voor matrassen en kussens?
- Van bladeren en stengels matten, manden, hoeden, schoenen en stoelzittingen werden gevlochten?
- Je er zelfs papier van kunt maken?
- Het pluis nog steeds wordt gebruikt als isolatiemateriaal in survivalkleding?
Niet slecht voor een plant die de meesten vooral kennen van de slootkant.

Eetbaar, maar toch maar liever niet
Ook de jonge scheuten van de lisdodde zijn eetbaar. Je kunt ze tussen april en juni oogsten, waarna de buitenste bladeren worden verwijderd. De scheuten kunnen worden gekookt, gewokt, gebakken of verwerkt in soepen.
Toch zou ik er zelf niet snel voor kiezen. Omdat lisdodden het water zuiveren, slaan ze ook allerlei stoffen uit hun omgeving op. Dat idee maakt mij niet direct enthousiast voor een lisdodde-maaltijd.
Gewas van de toekomst?
De laatste jaren groeit de belangstelling voor zogenaamde natte teelten. Lisdodde staat daarbij in de belangstelling als grondstof voor veevoer, bouwmaterialen en natuurontwikkeling.
De voordelen zijn groot. Lisdodde:
- zuivert water
- herstelt de bodem
- biedt voedsel en leefgebied voor onder meer libellen, vogels en amfibieën
- houdt water vast tijdens droogte
- buffert water tijdens piekbuien
- kan bijdragen aan vermindering van CO₂-uitstoot

Daardoor is de plant ook interessant als overgangszone tussen natte natuurgebieden en drogere landbouwgronden. Niet voor niets doen onder andere de provincies Utrecht, Friesland en Noord-Brabant onderzoek naar de mogelijkheden van lisdoddeteelt.
Een plant die aandacht verdient
Persoonlijk lijkt het me nog een hele uitdaging om op die drassige grond te oogsten. Maar de mens is vindingrijk, dus daar wordt vast iets op gevonden.
Column van Maashorstranger ria
Ria Smits is actief betrokken bij natuurgebied De Maashorst. Onder andere als Maashorstranger. Haar natuurervaringen en kennis schrijft ze op in columns. Hier las je een ingekorte versie. De hele column kun je lezen op de website van IVN Uden: Column Ria Smits – De lisdodde.pdf.
Met dank aan Adriëtte van der Wijst en Staatsbosbeheer voor de foto’s.


